Wat betekend Range of Motion?

Gemiddelde leestijd: 7 minuten

Range of motion (ROM) is een veel voorkomende term in de sportwereld. Toch heeft onderzoek uitgewezen dat een groot aantal sporters niet of niet precies weet wat deze term inhoudt. ROM heeft te maken met het bewegingsbereik of de bewegingshoeveelheid van een gewricht of spier.

We praten over een volledige range of motion wanneer een bepaalde spier volledig gestrekt wordt bij een bepaalde sportoefening. Een volledige ROM bij bijvoorbeeld de biceps barbell curl is vanaf de elleboog tot ongeveer 150 graden. Gesproken wordt over een onvolledige range of motion wanneer een bepaalde spier niet volledig wordt gestrekt. Bij de biceps barbell curl spreek je over een onvolledige ROM wanneer de strekking 80 tot 100 graden is vanaf het startpunt.

Een volledige range of motion is erg belangrijk omdat je dan maximaal profiteert van een bepaalde oefening en sneller de gewenste resultaten zult boeken. Bij een fitnessoefening betekent een volledige ROM dus dat binnen de bewegingsbaan een spier volledig wordt gestrekt en wordt samengetrokken. Daarbij kan een onvolledige ROM pijn of blessures veroorzaken.

ROM wordt nog al eens in combinatie met krachttraining besproken. Hierbij wordt dan vaak geduid op het voordeel wat behaald wordt bij een volledige ROM. Bij een volledige ROM worden de uitvoerende spieren het meest en optimaal belast. Dit leidt tot een meer gebalanceerde en meer effectieve ontwikkeling van je spieren. Een volledige ROM heeft dus een positief effect op de ontwikkeling van je spiermassa.

Range of motion. Bewegingsvrijheid. Onvolledig, half en volledige ROM. Op deze afbeelding zie je een vrouw met een resistance band

Wat bepaalt de range of motion?

De anatomie van je spieren, pezen en gewrichten bepalen met name hoever jij een buiging, draaiing of strekking kunt uitoefenen. Daarbij maakt het ook nog uit hoe flexibel jezelf bent. De ene persoon is nu eenmaal wat meer flexibel dan een ander persoon. Rekoefeningen tijdens een warming-up kunnen je ROM ook vergroten.

Ook bestaat een groep mensen die beschikken over zogenaamde ‘hypermobiliteit’. Dat wil zeggen dat de range of motion bij die personen een stuk groter is dan bij de gemiddelde persoon. Personen met deze hypermobiliteit ervaren daardoor vaak lichamelijke klachten.

De ROM met betrekking tot een gewricht verschilt dus per persoon en is ook afhankelijk van de volgende punten:

  • Geslacht
  • Leeftijd
  • Fitheid
  • Actief/passief bewegen
  • Samenstelling en opbouw verbindende weefsels (gewrichtsbanden en pezen)
  • Hoe vaak gewrichten worden opgerekt

Verschillende verschijningsvormen

Over het algemeen zijn drie verschillende soorten ROM te benoemen. Namelijk de actieve verschijningsvorm, de actief-ondersteunende verschijningsvorm en de passieve verschijningsvorm.

Active range of motion

Met active range of motion (AROM) wordt de bewegingsvrijheid van een gewricht bedoeld zonder enige vorm van assistentie of ondersteuning. De contractie van spieren die een bepaald gewricht ‘overspannen’ maken de beweging een lichaamsdeel mogelijk. Hierbij is dus verder geen ander persoon of apparaat vereist.

Active assisted range of motion

Bij active assisted range of motion wordt ondersteuning geboden door manuele of mechanische krachten (extern) om de beweging mogelijk te maken. Hierbij kun je denken aan de assistentie van bijvoorbeeld een fysiotherapeut. AAROM oefeningen helpen bij het herstel en het onderhoud van de full range of motion na een blessure of een periode van ziekte.

Passive range of motion

Bij passive range of motion wordt beweging mogelijk gemaakt door externe kracht. Bij PROM is geen sprake van vrijwillige spiercontractie. De externe kracht die bij deze vorm geleverd wordt mogelijk gemaakt door de zwaartekracht, machines, een ander persoon, of een ander lichaamsdeel van de persoon in kwestie zelf. Normaliter is de PROM groter dan de AROM en dit komt doordat ieder gewricht een kleine speling heeft met betrekking tot de beweeglijkheid.

Hoe wordt range of motion gemeten?

Het bewegingsbereik van een spier of gewricht wordt gemeten (vaak door fysiotherapeut) aan de hand van een goniometer. Een goniometer kan gemaakt zijn van metaal of van plastic en wordt ook wel een handheld-apparaat genoemd met twee armen. Op een goniometer vind je getallen die bepaalde hoekafstanden aangeven. Dit werkt volgens hetzelfde principe als meten aan de hand van een gradenboog.

Op deze afbeelding zie je een goniometer waarmee range of motion, bewegingsbereik mee gemeten kan worden.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.